Dag 25, 15 aug. Los Angeles – Chicago

Boehoehoe!

We zijn onderweg naar huis. Ook op de terugweg waren er nog Economy Plus plaatsen vrij, bij allebei de vluchten helemaal vooraan dus hebben we heerlijk veel beenruimte en zit er niemand voor ons (ben ik de enige waarbij degene die voor me zit vanaf vertrek tot landing de stoel altijd helemaal naar achteren klapt?).

We zitten nu in Chicago te wachten op de aansluiting naar Amsterdam. Ik heb zojuist “wat” zitten schrijven in het vliegtuig, tot en met politieke beschouwingen aan toe! (dat plak ik verderop achteraan dit dagbericht).

Om 6 uur opgestaan, om kwart voor zeven naar de luchthaven, om 8 uur waren we bij de terminal (in de tussentijd de auto ingeleverd). Lange rijen! De rijen om bagage in te checken stonden tot buiten op de stoep. Toen we die door waren moesten we weer in de rij staan voor de paspoortcontrole. Gelukkig mochten op een gegeven ogenblik de reizigers die binnen 45 minuten zouden vertrekken voordringen anders was het nog krap geworden.

Ik ben het gevoel voor tijd even helemaal kwijt, maar we stonden om 6 uur Amerikaanse tijd op en arriveerden om 21 uur Amerikanase tijd op Schiphol, erg vermoeiend dus en we zitten nu (zaterdagavond) te vechten tegen de slaap. We mogen van onszelf om half negen naar bed.

De Economy plus plaatsen waren een groot succes, allebei de vluchten konden we de benen volledig strekken. Op de tweede vlucht kon je meeluisteren met de gesprekken tussen de cockpit en de aircontrol, dat is wel leuk om te horen (al versta je de helft niet). Paar leuke films gezien, maar toch viel het weer tegen.

ook nog foto´s!

Tijdens de vakantie heb ik een lijstje bijgehouden met allerlei typisch Amerikaanse zaken die ik tegen was gekomen en waar ik nog iets over wilde schrijven. Aan sommige van die punten ben ik niet toegekomen, gewoon omdat ik er de tijd niet voor had. We zitten nu in het vliegtuig tussen LA en Chicago, dus heb ik plenty of time!

Zoals ik al eerder heb opgemerkt zijn veel huurauto´s in Amerika uitgerust met satelliet radio, ook wel XM Radio of Sirius genoemd. Eén van de grote voordelen hiervan is dat je niet telkens van frequentie hoeft te wisselen. Je hebt iets van 150 zenders tot je beschikking, netjes gerangschikt op soort. Religieus, Rock, R&B, populair, etc. Ook talkradio van Fox met rechtse McCain propaganda, hoewel op die zender McCain er weer van werd beschuldigd dat hij in bepaalde spots over Obama (he may be “the one”, but is he ready to lead us?) te soft was in zijn aanpak.

Een toppertje was de zender “Nashville”, waar 24 uur per dag country muziek word gedraaid. Het leuke aan moderne Country muziek is dat het in essentie niet veel anders is dan veel Nederlandstalige muziek. Het gaat over het gewone leven van simpele mensen, maar dan hoofdzakelijk gesitueerd in een Amerikaanse agrarische omgeving. “I´m a farmer boy, married to a farmers daughter, riding on my combine, etc. etc.”. Eén van de toppers is Alan Jackson, die al meer dan 50 miljoen platen heeft verkocht (zo simpel is hij dus ook weer niet).
[youtube=http://www.youtube.com/watch?v=1P_NWLA6Rlc&w=425&h=344]

Work, work all week long. Punchin’ that clock from dusk till dawn.
Countin’ the days till Friday night. That’s when all the conditions are right.

For a good time, I need a good time.
Yea, I’ve been workin’ all week, And I’m tired and I don’t wanna sleep
I wanna have fun, It’s time for a good time

Van zoveel eenvoud kan zelfs Jan Smit nog wat leren!

Auto´s zijn natuurlijk ook een belangrijk onderdeel van het Amerikaanse leven. Ooit was het ondenkbaar dat de prijs van een gallon benzine (iets minder dan 4 liter) boven de twee dollar zou komen, maar ondertussen staat de prijs vrolijk op ongeveer 4 dollar. Dit is vergeleken met ons nog steeds een koopje, maar hier beheerst de benzineprijs zowel het nieuws als de commercials; de automerken buitelen over elkaar heen waar het gaat om het aanprijzen van het aantal miles per gallon dat hun model X meer doet dan model Y van de concurrent. Ze vergelijken daarbij zonder enige schaamte 5.6 liter V8´s met elkaar.

Verder van de kust af worden de auto´s steeds groter en vormen SUV’s en Pickups (die noemen ze “Trucks”) de overgrote meerderheid. Tussen San Francisco en Los Angeles zijn de auto´s een stuk kleiner en zie je heel veel Priussen en andersoortige kleine auto´s. Een Obama sticker zit overigens altijd op een kleine auto.

De helft van het aantal verkochte Cadillac Escalades (een enorme SUV die het heel goed doet bij rappers en andere “bekende amerikanen” rijdt volgens mij in L.A. rond. In Nederland zijn die dingen een zeldzaamheid maar in LA barst het er van.

De discipline in het verkeer is van een ongekend niveau. Een groot deel van de kruispunten buiten de doorgaande wegen werkt op basis van “wie het eerst komt, wie het eerst maalt”. Bij een kruispunt met vier wegen staat dan bij iedere weg een stopbord. Wat sowieso al opvallend is, is dat iedereen ook echt stopt, maar ook dat ze eerlijk degene die als eerste komt als eerste laten gaan.

Op de snelweg zie je maar weinig mensen echt veel te hard rijden. Iedereen rijdt wel stiekem 5 a 10 kilometer te hard, maar uitschieters zie je zelden. Het “keep your lane” principe, waarbij iedereen gewoon lekker in zijn baan blijft en je rechts en links mag inhalen, werkt hier ook aan mee, omdat anders de verschillen tussen de banen onderling gevaarlijk hoog wordt.

Patriotisme & trots

Ik vind het moeilijk om een mening te vormen over de trots van Amerikanen voor hun land of bepaalde beroepsgroepen. Aan de ene kant wordt deze trots er aan de haren bijgesleept en wordt het sentiment dat de Amerikaanse vlag oproept ronduit uitgebuit; zoals de foto die ik eerder plaatste over de trein met daarop een Amerikaanse vlag vergezeld door de tekst “building America”. Die vind ik zelf nogal overdreven. Het is tenslotte maar een trein.

Brandweermannen daarentegen zijn ronduit helden en op elke brandweerauto (ze zien er trouwens nog steeds net zo uit als in de Donald Duck of als in een oude film) wappert fier een grote Stars & Stripes. In heel veel plaatsen waar wij geweest zijn hadden mensen op bedrijven spandoeken hangen met teksten als “Thank you Firefighters!!” en we hebben ook auto´s gezien met teksten van die strekking er op. Waarschijnlijk heeft dat ook te maken met de veelvuldige bosbranden waar Californie de laatste jaren zoveel mee te maken heeft gehad. Afgelopen november toen ik in New York was is me de trots op de brandweermannen ook opgevallen, maar daar legde ik meer een link met de aanslagen op het WTC die zoveel van hen het leven heeft gekost.

Je ziet ook heel veel uitingen van trots op “our troops in Afghanistan” (of Irak). Het is erg makkelijk (en ook wel erg Hollands denk ik) om daar ook een sceptische mening over te hebben, maar voor de bevolking zelf -en dan met name voor de directe families en vrienden van de uitgezonden soldaten- is die oorlog wel heel erg dichtbij huis. Veel jonge mensen die laag opgeleid zijn en geen baan hebben of uitzicht daarop hebben weinig andere keus dan in het leger te gaan en in veel gevallen te worden uitgezonden naar de diverse brandhaarden in de wereld.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *